‘Ouderen traditioneel? Helemaal niet!’
Ze gingen al bijna tien jaar naar dezelfde kerk, maar hadden elkaar nog nooit gesproken. Nu drinken Tineke (75) en Annerieke (19) regelmatig samen koffie na de kerkdienst. “En dan wil ik natuurlijk alles over Tinekes laatste vakantie horen!”

Tineke en Annerieke leerden elkaar in 2016 kennen, toen ze samen in de beroepingscommissie van de Kruiskerk in Wezep terechtkwamen. Annerieke: “Tineke was de oudste van de groep en ik de jongste. Ik dacht: hoe gaan we ooit een dominee vinden die we allebei interessant vinden?” Maar de verschillen bleken mee te vallen. “Als jongere heb je het beeld dat ouderen heel traditioneel zijn. Ik dacht: een dominee die jeugddiensten organiseert, dat vindt Tineke vast niks. Maar toen ik haar beter leerde kennen, merkte ik dat ouderen ook heel moderne en originele ideeën kunnen hebben.” “Afwisseling in de diensten vind ik juist heel goed”, beaamt Tineke. Alleen de door Annerieke geliefde Opwekkingsliederen zijn niet helemaal aan haar besteed. “De woorden zijn zo simpel, die zeggen me helemaal niks. En dan tien keer hetzelfde achter elkaar zingen… Daar kan ik niet zo veel mee.”

Op de camping

Die zoektocht naar een nieuwe predikant was een leuk proces, vinden ze allebei. Annerieke: “Er kwamen wel 23 sollicitaties binnen. De kerkenraad had bedacht dat alle sollicitanten een filmpje moesten maken. Heel goed, want zo kon je al heel snel zien of een dominee een beetje modern was.”
De beroepingscommissie besloot vervolgens anoniem negen predikanten te gaan ‘beluisteren’. Dat leverde grappige taferelen op. Tineke: “Tijdens één kerkbezoek vroeg iemand uit die gemeente ons bijvoorbeeld: ‘Staan jullie hier op de camping?’ ‘Nou, niet helemaal’, praatte ik er dan maar wat omheen.” Annerieke: “We hebben er wel eens een heel toneelstuk van gemaakt: ik was dan zogenaamd met mijn ‘opa’ op stap.”
Uiteindelijk noteren de vrouwen dezelfde dominee boven aan hun lijstje. “We waren allebei meteen fan van dominee Wilmink, die nu onze predikant is. Hij is heel toegankelijk, zijn diensten spreken iedereen aan.”

Tineke en Annerieke
Al sinds de Kruiskerk vijftig jaar geleden haar deuren opende, gaat Tineke Post (75) naar deze kerk. Ze heeft vier kinderen en negen kleinkinderen, en reist met haar man nog de hele wereld over.
Annerieke Bouma (19) studeert sinds een jaar Nederlandse taal en cultuur in Groningen. Elk weekend komt ze terug naar Wezep, waar ze twee weekendbaantjes heeft en vrijwel elke zondag naar de kerk gaat.

 

Saamhorigheid

Tineke is al vijftig jaar betrokken bij de Kruiskerk en heeft de gemeente in die tijd behoorlijk zien veranderen. “Vroeger hadden we 1200 leden, nu zijn het er nog 600. Maar ik voel me hier nog steeds thuis. Mensen in deze kerk zijn betrokken op elkaar, we kennen elkaar en zijn echt een gemeenschap.” Niet alleen de gemeente, ook haar geloof is in de loop van de tijd veranderd. “Ik geloof niet meer dat dé waarheid bestaat, zoals allerlei religies claimen. God zie ik in de liefde tussen mensen onderling. Mensen moeten vriendelijk en barmhartig voor elkaar zijn. En precies dát vind ik hier in de kerk.”
Annerieke herkent dat: “De saamhorigheid in onze kerk is heel bijzonder.” Ook voor haar is het aspect ‘gemeenschap’ heel belangrijk. “Ik vind het best moeilijk om in mijn studiestad Groningen te laten merken dat ik christen ben en naar de kerk ga. Toch is de kerk heel belangrijk voor me: de kerkdienst hoort helemaal bij de zondag.” Ze deelt Tinekes overtuiging dat geloven meer gaat over ‘doen’ dan over ‘denken’. “Heb je naaste lief als jezelf, dat vind ik ontzettend belangrijk.”

Aansluiting

Inmiddels is Annerieke helemaal op haar plek in de gemeente, maar eerder miste ze nog wel de aansluiting met oudere gemeenteleden. “Vroeger had ik het gevoel dat oudere mensen het lastig vonden om een gesprekje met me aan te gaan. Een jaar of drie geleden werd ik lector. Als ik dan thuiskwam, zei mijn moeder tegen me: ik heb van heel veel mensen gehoord dat ze vonden dat je zo goed las. Dan dacht ik: waarom zeggen ze dat niet tegen mij?”
Tineke reageert: “Ja, je gaat toch snel vooral om met je ‘eigen’ mensen. Van mijn leeftijdsgenoten weet ik: die heeft dat, en die mankeert dat… En dan vraag ik daarnaar, en praat je even met elkaar. Bij de jeugd denk je gauw: die redt zich wel.”
“Als jongere neem je niet zo snel het initiatief om een ouder iemand aan te spreken”, zegt Annerieke. “Maar voor mij is het contact nu wel een stuk makkelijker geworden. Dat komt doordat ik bij allerlei commissies betrokken ben geraakt: daardoor heb ik veel nieuwe mensen leren kennen. Dus tegen andere jongeren zou ik zeggen: word actief, laat je zien in de kerk!”

Foto: Miranda Ockerse
Tekst: Jedidja Harthoorn

In de rubriek 'Jong & oud' in het nieuwe magazine Petrus vertellen een jongere en een oudere uit dezelfde gemeente wat hen bindt en wat ze zoeken in de kerk. Meer verhalen lezen? Neem nu een gratis abonnement via www.petrusmagazine.nl.

 »lees verder»

 

Krijgsmachtpastoraat: mensen helpen mens te blijven
De Dienst Protestantse Geestelijke Verzorging bij de krijgsmacht helpt militairen, burgermedewerkers, veteranen en hun relaties in te gaan op vragen die worden opgeroepen in en door het werken in de krijgsmacht. Krijgsmachtpredikanten maken deel uit van het militaire leven op kazernes en velden, tijdens vaarperioden of oefeningen en tijdens uitzendingen. In het jaarschrift 2018 vertellen de Krijgsmachtpredikanten hoe zij 'Mensen helpen mens te blijven'. Lees hier het verhaal van ds. Erik Asscher

Hallelujah! Geestelijke verzorging en het geheim van het leven

Vier trips naar het buitenland en talloze ontmoetingen op en rond de Vliegbasis Leeuwarden. 2017 was een bewogen jaar voor mij. In januari bezocht ik de militairen van de vliegbasis in Litouwen. In het kader van de ‘Baltic Air Policing’ stonden twee F-16’s paraat om Russische militaire vliegtuigen te onderscheppen voor het geval zij het luchtruim van de drie Baltische staten zouden schenden. In Edwards, Californië, bezocht ik de vijfenveertig militairen die met hun gezinnen daar wonen. Zij werken aan het testen en evalueren van de F-35, ons nieuwe jachtvliegtuig. In Berlijn vertegenwoordigde ik samen met collega Ids Smedema de Protestantse Geestelijke Verzorging bij de Krijgsmacht op de ‘Kirchentag’. In de late herfst vloog ik naar Bodø in Noorwegen om een groep militairen te bezoeken die een grote internationale oefening voorbereidde. Ook thuis op Vliegbasis Leeuwarden had ik allerlei ontmoetingen.

Verhalen begrijpen?
Maar al die reizen en ontmoetingen roepen de vraag op wat ik dan precies doe. Wat bespreek je met al die mensen? Daar kan ik geen eerlijk antwoord op geven, die gesprekken zijn vertrouwelijk. En wat privé is, moet privé blijven. Maar dieper dan dat voert de vraag naar wat mensen eigenlijk willen zeggen met hun verhaal. Hun verhalen worden wel gehoord, maar worden ze ook begrepen? Daarbij: mag er ook aandacht zijn voor het onbegrijpelijke? Koning David zegt dat mooi in Psalm 49: ‘Ik heb een open oor voor raadselspreuken, bij het spel op de lier onthul ik een geheim.’ Pas bij zorgvuldige begeleiding komt een verhaal echt tot klinken. En kan ook het leven in zijn onbegrijpelijkheid aan het licht komen.

‘Suflet’, levensadem, ziel
Dit gebeuren is prachtig verbeeld op een detail van de fresco aan de westzijde van het klooster Voronet in het gelijknamige dorp in Roemenië. Linksonder op de foto zien we een liggende mensenfiguur. Een jongen met een wit kleed, gesloten ogen en gevouwen armen. Leeft hij? Is hij gestorven? Daarboven een engel die zijn hand uitstrekt boven de jongen. Wie goed kijkt ziet een kleine witte mensenfiguur tussen de hand van de engel en de mond van de jongen. Het is de ‘suflet’, de levensadem, de ziel van de jongen die behoedzaam in veiligheid gebracht wordt. Niet toevallig ontspringt deze levensadem aan de mond van de jongen, de plek waar ook onze verhalen het lichaam verlaten. Onder de zorgvuldige begeleiding van Koning David wordt het geheim van het leven bewaard.

[Tekst gaat verder onder foto]

God is een melodie
Maar hoe doe je dat? Dat begeleiden van mensen bij het vertellen van hun verhaal? Ik denk aan het beroemde ‘Hallelujah’ van Leonard Cohen:
‘I’ve heard there was a secret chord
that David played and it pleased the Lord
but you don’t really care for music do you?
It goes like this: the fourth the fifth,
the minor fall, the major lift
the baffled king composing Hallelujah’

Er wordt hier een loflied voor God gecomponeerd. Dat geeft wel de belangrijkste oriëntatie! In dat loflied is blijkbaar plaats voor verdriet en diepe dalen (‘the minor fall’), en voor vreugde en dankbaarheid (‘the major lift’). Maar over de technische aspecten van de begeleiding is Cohen helaas erg kort. Hoe weet je of je tempo moet houden, of dat mensen juist extra tijd nodig hebben? Hoe weet je wanneer je structuur moet bieden, of mensen juist vrij moet laten associëren? Hoe weet je of mensen baat hebben bij een ondersteunende tweede stem, of juist aan een voorzichtige tegenstem? Het blijkt een kwestie van goed luisteren en steeds opnieuw je best doen! En misschien is het met geestelijke verzorging wel net als met muziek maken: je hoeft er niet goed in te zijn om er toch plezier in te hebben. Maar pas als anderen er werkelijk plezier aan beleven merk je dat je er goed in wordt. Koning David werd er beroemd mee. Als hij speelde voor koning Saul, dan verdwenen de kwade geesten en kon Saul opgelucht ademhalen.

Mensen zijn bestemd voor het volle leven
Maar de militairen en hun relaties, wat zeggen zij ervan? Toen ik de afbeelding van de fresco liet zien aan een militair, merkte die nuchter op dat Koning David blijkbaar goed was met zijn gitaar, want hij had toch niet voor niets een gouden plaat om zijn hoofd! We hebben daar hartelijk om gelachen. Vaak doet een gram humor een mens meer goed dan een kilo ernst. In de eetzaal vraagt men ook niet naar de temperatuur van het vet waarin de kroketten gebakken zijn. Er is onderling vertrouwen. Dat vertrouwen is gebaseerd op een goed persoonlijk contact en de overtuiging dat iemand goed is in zijn vak. Voor mij is protestantisme een keurmerk van dat laatste. Je bidt en studeert met aandacht. Naar de mensen toe voed je de vrijheid en verantwoordelijkheid van ieders geweten. Je vraagt naar ieders welzijn, naar gebeurtenissen en levensgeheimen, je biedt ze gedachten ter overweging omdat je gelooft dat mensen voor het volle leven bestemd zijn. Samen met hen ga je op zoek naar wijsheid. En soms openbaart zich God in een glimlach, in een lied of in een ironie. Zoals die keer dat een militair na een gesprek van hart tot hart met een brede grijns tegen me zei: ‘bedankt dat ik weer even tegen je aan mocht balken’.

Ds. Erik Asscher

>Download hier het volledige jaarschrift 2018

> Zie ook: https://www.facebook.com/DomineesbijDefensie/

 »lees verder»

 

Wandelen, maar dan anders
Vandaag gaan zo'n 47.000 wandelaars van start bij de Nijmeegse Vierdaagse. Bent u uitgeloot of wilt u iets anders dan recht toe recht aan wandelen? Denk dan eens aan de volgende initiatieven.

Labyrint lopen

De pioniersplek ‘De Schone Poort’ in Almere Poort heeft een labyrint in het Cascadepark aangelegd. Volgens pionier Pieter ter Veen ontstaan daar de meest waardevolle gesprekken. “Het labyrint staat symbool voor onze levensweg. Al lopend kun je nadenken over de wendingen in je leven en het doel van je reis. We geven er begeleiding bij zodat het gesprek richting krijgt en je verder komt.”

Kleasterkuier in Friesland

Iedere woensdagochtend om 9.30 uur organiseert de pioniersplek Nijkleaster in Jorwerd een ochtendgebed en kleaster-kuier. De wandeling bestaat uit drie delen: stilte, bezinning en verbinding.

Op pad met daklozen

Utrecht Underground biedt stadswandelingen aan over het leven op straat, verteld door (ex-)daklozen en (ex-)drugsverslaafden die dit harde leven zelf geleefd hebben en nu op professionele wijze hun talenten inzetten als betaalde stadsgids. Liever underground in Amsterdam? Dat kan ook.

Lopen voor vrede

Ter gelegenheid van zeventig jaar Wereldraad van Kerken, wordt op 23 augustus een 'Walk of Peace'  georganiseerd. De wandeling start om 13.00 uur in de Hoftuin in Amsterdam, gaat door de oostelijke binnenstad en eindigt op de Dam. Onderweg worden plekken aangedaan die herinneren aan onrecht en geweld, of aan (kerkelijke) betrokkenheid voor gerechtigheid en vrede.

Foto: Nijkleaster (Dio van Maaren)

Houdt u van wandelen? In het volgende nummer van Petrus (24 augustus) vindt u behalve de rubriek 'Rondje om de kerk', ook zeven wandeltips in heel Nederland. Neem nu een gratis abonnement en ontvang Petrus voortaan vier keer per jaar thuis!

 »lees verder»

 

Harmoniedenken in de kerk: mogen er ook conflicten zijn?
Er is een overkill aan harmoniedenken in de kerk, zei Sake Stoppels onlangs in een interview. Juist dát kan gedoe en onmin veroorzaken. Conflicten zijn er nu eenmaal, geef daar aandacht aan. Of staat dat haaks op de missie van de kerk?

‘Meer oude koeien uit de sloot halen’
Sake Stoppels, universitair docent praktische theologie aan de VU en wetenschappelijk beleidsmedewerker bij de dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk
‘Je moet proberen om met, wat de Duitsers noemen, een Fremd-Paradigma naar de praktijk te kijken. We vinden het bijvoorbeeld prachtig om leidinggeven te zien als dienen. Maar we vergeten dat er ook altijd macht bij zit. Als je alleen kijkt naar het dienstbare, dan verhul je iets. Dat bedoel ik met dat je niet alleen via een harmoniemodel naar de kerk moet kijken, maar ook via een conflictmodel. Zo kom je vaak verborgen conflicten op het spoor. Dat heb ik zelf meegemaakt in een gemeente. Ik kreeg het gevoel dat er iets aan de hand was. Toen we gingen graven, zagen we dat er heel wat lag te rotten aan oude conflicten. Kerken moeten misschien wel meer oude koeien uit de sloot durven halen. Ik wil geen conflicten aanmoedigen, maar de vinger leggen bij een cultuur die soms is ontstaan dat conflicten er niet mogen zijn. Er gaat dan witkalk over de rottigheid, we moeten vergeven en vooral vooruitkijken. Ik vergelijk de kerk weleens met een ijsberg. Je ziet alleen het topje, maar onder water zitten de knopen, de kluwens, de verbindingen en soms conflictstof. Dus vraag ik vaak aan gemeenten wat er onder water zit. Want vernieuwingspogingen in een kerk treffen soms hetzelfde lot als de Titanic.’

‘Niet meer boven water halen dan nodig’
Leo Oosterom, heeft als interim-predikant vaak met conflicten te maken
‘Ik moet glimlachen bij wat Sake Stoppels schrijft, want ik herken het. We moeten in kerken meer kunnen leven met de werkelijkheid van het conflict. Wel moet je er met elkaar voor zorgen dat de emotionele beleving van het conflict niet alles overwoekert. Het gebeurt vaak dat na lang ontkennen een conflict wordt vastgesteld en dat dit alles omver schopt. Wij zijn de gemeente van Jezus Christus, dan kan dit toch niet! Het orthodoxe deel van de kerk kan dit vaak beter handelen want: de wereld is gebroken. Het andere deel ziet vaak het ideaalbeeld van de gemeente, als een tegenbeweging in de maatschappij met alle gebrokenheid. In de kerk van Jezus Christus moeten we lief zijn.
Waar ik wat genuanceerder over denk, is de uitspraak dat we in de kerk meer oude koeien uit de sloot zouden moeten halen. Ik vergelijk conflicten vaak met wonden die zijn geslagen. Sommige wonden kunnen in rust genezen, maar wonden die ontsteken moeten open. Je moet niet meer conflict boven water halen dan nodig is. Ik merk dat het helpt als mensen aanvaarden dat de realiteit van het conflict ons niet minder de kerk van Jezus Christus maakt, maar dat het hoort bij ons mens-zijn.’

‘Beide partijen moeten willen praten’
Petra Blijdorp-Van der Knijff, (kerkelijk) mediator
‘Ik ben het met Stoppels eens dat mensen het er vaak liever maar niet over hebben, zich willen richten op waar ze mee bezig zijn en niet achterom kijken. Terwijl het wel nodig is dat mensen hetzelfde voor ogen hebben als ze samenwerken. Als je bepaalde vooroordelen hebt omdat iemand jou in het verleden iets heeft aangedaan, belemmert je dat om een volgende stap te zetten. Dat sluimerende is juist zo gevaarlijk, daar is in het verleden veel mee stuk gemaakt. Vaak door mensen die in de kerkenraad zitten of denken dat ze het voor het zeggen hebben, zonder rekening te houden met hoe anderen denken. Dan is het belangrijk dat je altijd blijft communiceren, mensen de ruimte geeft hun mening te geven en daar ook naar luistert. Communiceren is het moeilijkste wat er is. Het proberen elkaar te begrijpen en erkenning aan de ander te geven.
De wil om iets aan een conflict te doen, is een heel moeilijk punt. Vaak wil een van de twee partijen in gesprek omdat hij of zij er niet van kan slapen. De andere partij wil er liever niet aan beginnen en wil niet in gesprek. Wat doe je dan? Dan begin je niks, en dat gebeurt veel in de kerk.’

‘Zoek elkaars diepere grond’
Wim Hendriks, gemeentebegeleider
‘Bij een conflict krijg je altijd te horen dat mensen niet snappen dat het juist in de kerk zo hoog oploopt. Ik herken die idealistische gedachte zelf ook, maar de realiteit fluit je terug. Conflicten komen voor. Wat Sake Stoppels ook zegt, zodra je twee mensen bij elkaar hebt, bestaat het ideaal al niet meer. Want je bent het niet in alles met elkaar eens.
Als begeleider pleit ik ervoor dat mensen elkaar niet vanuit schuttersputjes bestoken met standpunten, maar dat je elkaars diepere grond zoekt. Waarom willen mensen dat er meer voor de jeugd gebeurt in de kerk? Vaak is dat omdat ze zien dat hun kinderen of kleinkinderen dreigen af te haken. Als het over dat soort motieven gaat, herkennen en respecteren tegenstanders elkaar eerder dan als ze alleen op standpunten communiceren.
Ik vind het een uitdaging van het geloof om samen met anderen de liefde van Christus te ontdekken. Want ik heb de ander, die heel anders denkt dan ik, nodig om meer van Jezus te gaan zien. En dat kan ik niet vanaf mijn eilandje. Als je zo naar de ander kijkt, kan diegene je ook gaan verrassen. Wees nieuwsgierig naar wat de ander raakt.'

Tekst: Jurgen Tiekstra

Wat vindt u: vinden we harmonie in de kerk te belangrijk? Laat uw reactie hier achter!

Dit artikel komt uit het juli-/augustusnummer van woord&weg. Een gratis proefexemplaar bestellen? Mail dan naar woordenweg@protestantsekerk.nl.

 »lees verder»

 

Voorzitter Schuldhulpmaatje hoopt dat Micha Zondag in veel kerken aanleiding is voor een goed gesprek over arm en rijk
Op 14 oktober 2018 vindt de jaarlijkse Micha Zondag plaats. Deze keer staat het thema armoede en rijkdom centraal naar aanleiding van de Bijbeltekst: "Armen zullen altijd bij u zijn (Deut. 15:11)"

Ds. Joost Schelling uit Woerden is voorzitter van Schuldhulpmaatje Nederland. Hij vindt de komende Micha Zondag ‘een mooie aangelegenheid om in de kerk een goed gesprek te voeren over rijk en arm, wereldwijd en binnen onze eigen (kerk)muren’.

Materiaal voor Micha Zondag

Micha Nederland heeft voor deze zondag materiaal gemaakt met preekschetsen, liturgische suggesties en ideeën voor kinder- en jeugdwerk.

Ds. Schelling heeft één van de preekschetsen voor Micha Zondag geschreven. Daarin schrijft hij: “De omgang met armoede is de lakmoesproef voor de rechtvaardigheid binnen de muren van Israël. Want het realisme dat er altijd verschillen tussen arm en rijk zouden bestaan, ontslaat de ander niet van het doen van recht aan de naaste. […] Recht doen betekent dwars door die omstandigheden heen steeds de mens achter de armoede te blijven zien, die een beroep doet op onze gaven. Gaven en goedheid die ons uiteindelijk ook weer gegeven worden."

Een goed gesprek voor rijk en arm

Ds. Schelling: “Deuteronomium roept het volk op om daarom steeds gul te zijn, en geregeld de disbalans tussen arm en rijk te herstellen. In een samenleving met een steeds groter wordende ongelijkheid rond inkomen, vermogen en kansen, kan rechtvaardigheid en het goede leven alleen nog gestalte krijgen door de kloof bewust te verkleinen. Kwijtschelden van schulden, maar zeker mensen met schulden onder ogen komen, en ze echt bijstaan, zijn zo zichtbare tekenen van het koninkrijk van God. De komende Micha Zondag is een mooie aangelegenheid om in de kerk een goed gesprek te voeren over rijk en arm, wereldwijd en binnen onze eigen (kerk)muren.”

> Download hier het materiaal voor de Micha Zondag met de preekschets van ds. Joost Schelling uit Woerden

 »lees verder»

 

Met kinderen van school de kerk ontdekken
“Ik woon dicht bij de kerk maar ik was er nog nooit in geweest. Ik vind het hier mooi, mag ik nog eens terugkomen?” Het was de reactie van een van de kinderen, die tijdens een excursie de kerk om de hoek bezocht.

De kerk als plaats om te leren

Tijdens de vakanties lopen de kinderen met hun ouders als toerist nog wel eens een kerk binnen. Maar voor veel kinderen is de kerk om de hoek een vreemd en onbekend gebouw.

Dit kerkgebouw heeft echter de kinderen van alles te bieden. Het kan hen helpen de geschiedenis van ons land beter te begrijpen. Het leert hen over de plaats van religie in onze samenleving. Het brengt hen in aanraking met allerlei kunstvormen en het laat hen nadenken over allerlei symbolen. Kortom, het kerkgebouw om de hoek kan op allerlei manieren bijdragen aan het bereiken van kerndoelen in het basis- en voortgezet onderwijs. Dit is de reden dat veel schoolleiders en leraren, zowel uit het christelijk als uit het openbaar onderwijs, graag met hun leerlingen op excursie naar een kerk gaan.

Een rijke leeromgeving

Geloofsgemeenschappen hebben met hun kerkgebouw vanuit cultureel en burgerschapsperspectief goud in handen. In elke kerk is veel te zien: gebrandschilderde ramen, kunstwerken, symbolen, de preekstoel en een gedachtenishoek. Al is er alleen maar een liturgisch centrum, in elk kerkgebouw zijn tal mogelijkheden om de kinderen te laten verwonderen, te laten ontdekken en te ervaren. Daarom kan ieder kerkgebouw bijdragen aan de vorming van leerlingen.

Een gids vertelt

Wat doe je als er 30 kinderen bij jou in de kerk op bezoek komen? Meestal wordt er tijdens een excursie een speurtocht gedaan of geeft een gids allerlei informatie. Dit is echter niet voor alle kinderen een manier, die hen aanspreekt. Daarnaast raakt het op deze manier niet aan hun eigen leven. Kinderen doen wel kennis op over het gebouw, maar deze kennis heeft in veel gevallen niets te maken met hun eigen leven. De ervaring leert dat ze dat, wat ze op deze manier in de kerk geleerd hebben snel vergeten zijn. Maar hoe kan het dan nog meer?

Essentieel en existentieel

Het kerkgebouw biedt zoveel meer mogelijkheden. De kerk is een cultureel en vaak een historisch gebouw, maar het is ook een gebouw waar mensen God ervaren of spirituele ervaringen hebben. Hoe kun je excursie zo inrichten dat hier ook aandacht voor is?

Wiena Ridderikhof ontwierp een excursie volgens de principes van de kindertheologie. Het didactisch uitgangspunt hierbij is dat kinderen zoveel mogelijk zelf ontdekken wat essentieel is voor kerken en wat mensen (en dus ook leerlingen zelf) existentieel met kerken hebben.

Op ontdekkingstocht

Toen Wiena zelf als docent godsdienstig vormingsonderwijs een excursie naar de kerk organiseerde, deelde ze het programma in in verschillende onderdelen. Hieronder volgt een korte samenvatting van haar programma.

Laat de kinderen allemaal de kerk in komen. Geef hen even de tijd het gebouw in zich op te nemen, voordat ze in een kring gaan zitten. Ga met hen in gesprek over de vraag: “Waarom bouwen mensen kerken?” Door deze vraag denken de kinderen na over de waarde die kerken voor mensen hebben.

Laat de kinderen allemaal een ‘kijker’ uitkiezen, zoals een zaklantaarn, verrekijker, vergrootglas, kartonnen koker of fototoestel. Hiermee gaan ze letterlijk op ontdekkingstocht door de kerkzaal. De kinderen lopen in stilte door de kerkzaal en hebben hierbij de volgende opdracht meegekregen: “Kies uit wat je ziet een voorwerp dat je heel bijzonder vindt. Iets waar je langer bij stilstaat.”

Na ongeveer 10 minuten komen alle kinderen terug in de kring. Ze krijgen een klein blaadje. Hierop tekenen ze wat hen het meest aansprak of wat zij het belangrijkste vonden.

Ga aan de hand van de tekeningen met de kinderen in gesprek. Je kunt hierbij bijvoorbeeld de volgende vragen gebruiken:

  • Wat is voor jou het belangrijkst wat je hebt gezien en waarom?
  • Wat kunnen we in deze ruimte beslist niet missen of wat kunnen we juist wel missen?
  • Dit gebouw heeft veel met God te maken. Hoe en waar kun je dat volgens jou zien of ervaren?
  • Waar gaat het in deze kerk over jou of over jouw familie?

Moedig de kinderen hierbij aan om in dialoog op elkaar te reageren en elkaar ideeën, antwoorden, mogelijkheden en vragen te geven.

Wiena is enthousiast over deze manier van werken tijdens een kerkexcursie: “Door op deze manier te werken, ga je verder met de kinderen dan hen interessante weetjes meegeven. Je laat hen ontdekken welke waarde de kerk heeft. Ik zie de excursie dan ook als een missionaire kans.” Niet alleen Wiena is enthousiast. Een groepsleerkracht vertelde dat ze de excursie bijzonder gewaardeerd had. Ze leerde haar leerlingen op een heel andere manier kennen.

Meer lezen?
De excursie van Wiena is uitgebreid beschreven en gefilmd in het volgende boek: Valstar, J. , Willems, M. , Kuindersma, H. , Borre, C. , Buttner, G. (2015). God is buiten de tijd. Kindertheologisch leren kijken. Amersfoort: Kwintessens.

Met onderstaande knop kun je je aanmelden voor de nieuwsbrief van School & Kerk

1) Als je eerder kennis gemaakt hebt met Godly Play, zul je in deze vragen de verwonderingsvragen van Godly Play herkennen.

Door Wiena Ridderikhof-Boonen & Corina Nagel-Herweijer

Aanmelden nieuwsbrief School en Kerk



 »lees verder»

 

Hervormd Zegveld staat voor de kerk!
Heeft uw gemeente financiële steun nodig of juist geld om een vernieuwend plan uit te voeren? Wist u dat u voor beide gevallen als gemeente subsidie kunt aanvragen bij de Solidariteitskas? De hervormde gemeente Zegveld stond voor een forse renovatie van hun kerkgebouw en vroegen een bijdrage aan via deze kas. Met succes!

In het groene hart ligt het dorpje Zegveld. Het monumentale kerkgebouw midden in de kern herbergt al eeuwenlang de hervormde gemeente. Een kleine, meelevende groep mensen.

Een paar jaar geleden bleek een forse restauratie van het kerkgebouw noodzakelijk. De muren lieten vocht door en de fundering van de kerk bleek aangetast. Ventilatie en verwarming moesten worden aangepakt en de binnenzijde van de kerk zou worden teruggebracht in oorspronkelijke stijl. Een grote en ingrijpende verbouwing waarvoor een grote som geld nodig was en is. Zo´n ingrijpende restauratie biedt veel verbeteringen. ¨De kerk wordt hierdoor energiezuiniger, comfortabeler en multifunctioneler, juist ook met het oog op de toekomst. Hierdoor worden wij officieel een Groene Kerk,¨ aldus de heer Uittenbogaard van het college van kerkrentmeesters. Hoe ga je als kleine gemeente van 800 leden zo'n fors project aanpakken?

Fondsen werven
Het college van kerkrentmeesters ging voortvarend aan de slag. Nelleke Slaats van bureau 2Select werd in de arm genomen voor advies rondom de fondswerving. In een oriënterend gesprek werden met haar de plannen rondom de restauratie besproken. Een rapport van Monumentenwacht onderstreepte de noodzaak hiervan. Een commissie kerkrestauratie werd ingesteld. 

2Select deed de kerkenraad een voorstel voor alle fondswervende mogelijkheden en welke het beste pasten bij de hervormde gemeente Zegveld. De samenwerking verloopt erg succesvol. Nelleke: ¨Het samenstellen van een commissie kerkrestauratie en het op tijd beginnen met de acties zijn twee van de succesfactoren.¨

In volgende overleggen zijn de plannen verder uitgewerkt en verschillende fondswervende acties en het tijdspad hiervan besproken. Nelleke: ¨Iedereen ging aan de slag. Het college, de commissie kerkrestauratie en de kerkleden werden gevraagd om mee te werken aan het inhoud geven en samenstellen van middelen, zoals een fondswervende krant.¨

Fantastische inzet van gemeente
In een tijdsbestek van slechts enkele maanden waren krant, formulieren, banners en zelfs enveloppen klaar en werden tijdens een speciale gemeenteavond de restauratieplannen toegelicht, de rol van 2Select uitgelegd en de inzet - in menskracht en financieel - van de voltallige gemeente gevraagd. En die inzet is ronduit fantastisch te noemen. ¨Doordat gemeenteleden vanaf het begin betrokken zijn en inspraak hebben in de plannen, ontstond er een groot draagvlak voor de restauratie,¨ aldus Nelleke. Mensen gingen actief aan de slag met acties om geld te werven voor de restauratie.

¨Het gevoel in de gemeente is dat als wij het echt willen, wij dit ook met zijn allen moeten doen,¨ vertelt de heer Uittenbogaard, ¨er zijn veel giften binnengekomen en een groot aantal 5 jarige periodieke giften. Verder is er elke eerste zondag van de maand in beide diensten een derde extra collecte. En last but not least zijn ook veel gemeenteleden bereid bij de verbouwing zelf de handen uit de mouwen te steken.¨ Ook worden de komende twee jaar verschillende kleine en grote acties gehouden in de gemeente. ¨Hiermee wordt niet alleen de restauratiekas verder aangevuld, maar blijft het project ook leven in de gemeente. Met recht kunnen wij zeggen dat wij met zijn allen staan voor onze kerk.¨

Nadat de krant huis-aan-huis was verspreid, is direct de fondsenwerving onder institutionele donoren gestart. ¨Nelleke is bijzonder actief en enthousiast om landelijke fondsen achter ons restauratieproject te krijgen,¨ zegt Uittenbogaard, ¨dit is voor onze gemeente en de voortgang van het project heel belangrijk. Zonder deze grote giften zouden wij het niet redden om ons kerkgebouw te restaureren.¨

Steun via solidariteitskas
Ook klopte het college van kerkrentmeesters aan bij de commissie Steunverlening van de Protestantse Kerk, ook wel de Solidariteitskas, voor een bijdrage in de restauratiekosten. De commissie was erg te spreken over de manier van fondsenwerving door de kerkelijke gemeente Zegveld, de betrokkenheid van gemeenteleden en de rol die 2Select hierin vervult. Vooral de hoge eigen bijdrage van de gemeenteleden zelf was reden voor de commissie om ook hun steun te verlenen. Zij zien daarin een gemeente die toekomstgericht en -bestendig is.

Leren van Zegveld
Wat kunnen andere gemeenten leren van de aanpak in Zegveld? Nelleke: ¨Op tijd beginnen met de fondsenwerving, de inzet van gemeenteleden vragen, maar ook mensen ‘buiten’ de kerk die zich betrokken voelen bij de sociaal maatschappelijke functie van de kerk in hun dorp of stad. En vooral ook anders durven te denken en open staan voor vragen en reacties. En de gemeente blijven informeren over successen, maar ook als er zaken tegenzitten of anders lopen.¨

Steun via solidariteitskas
Iedere gemeente kan een aanvraag indienen voor de Solidariteitskas. De Commissie Steunverlening hanteert hiervoor eenvoudige en transparante procedures. Soms kan er heel snel een toezegging gedaan worden. Bij ingewikkelder aanvragen kan afhandeling langer duren. De Commissie Steunverlening bestaat in zijn geheel uit vrijwilligers. Dit zijn deskundige kerkleden uit het hele land. De commissie let op toekomstgerichtheid, vitaliteit en ook op de maatschappelijke omgeving waarin de gemeente kerk wil zijn. Investeringen uit de Solidariteitskas zijn altijd tijdelijk, bedoeld om een gemeente te ondersteunen op weg naar nieuwe vitaliteit.

Heeft uw gemeente een toekomstgericht idee waar geld voor nodig is? Mail het naar steunverlening@protestantsekerk.nl.

 »lees verder»

 

Nieuw seizoen, nieuwe energie
Het nieuwe seizoen beginnen met nieuwe kennis en inspiratie? In het najaar gaan er weer heel wat trainingen van start, voor professionals en vrijwilligers in en rond de kerk.

Wat u ook doet in de kerk, het is belangrijk om uw taak met bezieling en energie te kunnen (blijven) doen! Goede voeding hiervoor is belangrijk. Het Protestants Centrum voor Toerusting en Educatie (PCTE) biedt komend seizoen onderstaande trainingen aan, waarop u zich individueel kunt inschrijven. Zit uw training of locatie er niet bij? Informeer dan via pcte@protestantsekerk.nl naar de mogelijkheden. 

Trainingen voor vrijwilligers

Training

Startdatum

Werkweek voor Liturgie en Kerkmuziek

17 juli, Hoeven

Kerkrentmeester

9 september, Beverwijk
8 oktober, Woerden
15 oktober, Waalwijk
8 november, Heerlen

Diaconaat

27 september, Alblasserdam

Leiden van uitvaarten door gemeenteleden (8 dagdelen)

29 september, Haarlem
29 september, Driebergen

Jeugdambtsdragers

3 oktober, provincie Utrecht
oktober, omgeving Tiel

Pastoraal gesprek - nieuwe blended training

oktober, Dordrecht
oktober, Dieren

Nieuwe ambtsdragers - nieuwe blended training

oktober, Wieringen
oktober, Gouda
oktober, Veluwe

Scriba

31 oktober, Leeuwarden
17 november, provincie Utrecht

Landelijk Examen Kerkmuziek

3 november, Houten

Pastoraat oude stijl

11 september, Bleiswijk

 

Trainingen voor professionals

Training

Startdatum

Homiletische en liturgische vorming (9 dagdelen)

5 september, Doorn

Training voor Mentoren (10 dagdelen)

18 september, Doorn

Presentatie voor voorgangers (5 dagdelen)

1 oktober, Doorn

De gemeente als gezin

2 oktober, Doorn

20180702%20Gemeente%20als%20gezin.jpg

 

Trainingen voor professionals en vrijwilligers in en rond de kerk

Training

Startdatum

Meditatie

17 september, Doorn

Meditatie en de geestelijke weg

23 oktober, Doorn

Zorg voor de ziel

11 februari 2019, Arnhem

Begeleiding van meditatie

12 februari 2019, Doorn

 »lees verder»

 

Elke week een Bijbeltekst
Enkele jonge gezinnen uit onze gemeente begonnen drie jaar geleden met het wekelijks memoriseren van een Bijbeltekst. Het verlangen om kinderen jong vertrouwd te maken met de Bijbel was de aanleiding. Spontaan ontstond in korte tijd een project waaraan naast jongeren ook veel ouderen wilden meedoen. Momenteel zijn er ongeveer 300 deelnemers, van wie ongeveer de helft kinderen.

Memoriseren

De opzet is eenvoudig. Als coördinator van het project zoek ik bijbelteksten uit, beheer ik het deelnemersbestand en houd ik per mail contact met de deelnemers. Bij voorkeur kies ik wat kortere teksten die een aspect van de bijbelse boodschap kernachtig samenvatten; ik houd daarbij rekening met het kerkelijk jaar. Deelnemers ontvangen voor elke week een tekstkaart. Nieuwe deelnemers ontvangen tips over hoe ze het memoriseren kunnen aanpakken met kinderen. Enkele jongeren uit de gemeente zijn betrokken bij de vormgeving van de kaartjes en het beheren van een facebookpagina (www.facebook.com/WekelijkseBijbeltekst) waarmee we wekelijks 200 tot 400 mensen bereiken. De weekteksten staan ook op de zondagse nieuwsbrief, zodat alle kerkgangers er kennis van kunnen nemen. Best fijn, want de tekst wordt nogal eens aangehaald tijdens de kerkdienst. Sinds 1 januari 2018 reiken we een bij de weektekst passend psalmvers aan. Uit een eerste peiling blijkt dat verschillende gezinnen de uitdaging aangaan om het lied dagelijks te zingen met de kinderen.

Zegen

Het project voorziet in een behoefte. Geert en Fennie Prophitius met hun vier kinderen, in de leeftijd van twee tot acht jaar, doen vanaf het begin mee. Fennie vertelt: ‘We vinden het belangrijk dat onze kinderen vertrouwd raken met de Bijbel. Wat je als kind leert, vergeet je niet snel. Nu is de Bijbel op allerlei manieren beschikbaar; zelfs op onze smartphone. Maar er kan een tijd komen dat dat anders is. Dan is het belangrijk dat onze kinderen  Bijbelwoorden in hun geheugen hebben. Als onze kinderen in de kerk een tekst horen die ze hebben geleerd, zeggen ze zachtjes tegen me: “Die ken ik, mam,” dat vind ik zo mooi!’

Fennie raadt anderen aan ook mee te doen. Niet alleen omdat het leerzaam is voor de kinderen; ook voor haarzelf is het verrijkend om teksten te leren, en: ‘Het is elke zondagavond weer een uitdaging om de nieuwe weektekst aan de kinderen uit te leggen.’ Bij volwassenen zonder jonge kinderen komt de tekst vaak ter sprake tijdens de gezamenlijke maaltijd of onder de koffie. Een mevrouw vertelde me dat Bijbellezen voor haar soms te intensief is. Nu kiest ze ervoor in zo’n periode alleen met de weektekst bezig te zijn. Ze ervaart daar zegen op: het Woord komt weer binnen en geeft haar hoop en kracht.

Auteur: Betty Krooneman van de Hervormde gemeente Elburg. Dit artikel komt uit De Waarheidsvriend (12 april 2018)

 

 »lees verder»

 

Hoe leg je contact met een VO-school?
“Geachte directeur van het het Bekius College. Wij willen ons graag even voorstellen. We zijn van de Protestantse gemeente Beekburg en willen dit najaar graag op jullie school enkele lessen verzorgen over het christelijke geloof....

...Daarnaast willen willen we alle leerlingen uitnodigen voor een speciale viering rond dit thema en de docent Godsdienst bijpraten. We hebben begrepen dat hij wat moeite heeft met het vormgeven van de christelijke identiteit. Zullen we zo spoedig mogelijk een afspraak maken?”

Bovenstaande fictieve mail van een kerk aan een VO school laat zien waar de obstakels liggen in de ontmoeting tussen kerk en (VO) school. In een workshop op de Netwerkdag Kerk en School  hebben we geoefend in hoe het wel kan. Uit de verschillende pitches van kerk aan scholen werden drie zaken duidelijk.

Handelingsverlegenheid

Welk beeld heb ik als kerk van de school? Veel kerken hebben vaak het idee dat een school “geseculariseerd” is of het “niet meer weet”. Natuurlijk bestaat er zoiets als handelingsverlegenheid onder docenten. Het is immers in deze tijd niet eenvoudig om er te zijn voor alle leerlingen en te werken met een zeer divers personeelsbestand. Maar een gemiddelde predikant zou net zo snel handelingsverlegen zijn op een VO school.

Kijk daarom goed naar het type school. Is het een traditie-school waarin er een redelijk duidelijke visie is op de christelijke traditie waarin men staat? Is het een diversiteits-school waarin allerlei religies een plek hebben of is het een zingevings-school waarin er vanuit algemene termen wordt gezorgt naar een gesprek over identiteit? Ga er in alle gevallen vanuit dat de school heel veel ervaring heeft in het vormgeven van de identiteit. Daarin kunnen ze best ondersteuning gebruiken, maar altijd vanuit een relatie van gelijkwaardigheid.

Ontmoeting

Met wie wil ik contact? Het is goed om te bedenken of je een ontmoeting wil hebben? Daarbij zijn er ruwweg drie mogelijkheden: de rector, de sectie godsdienst of de commissie identiteit.

Bij het contact met de rector moet je je realiseren dat dit niet de persoon is die alles gaat organiseren. De rector zal draagvlak moeten hebben/maken voor een idee. Hij/zij staat wat verder af van de onderwijspraktijk en dat heeft wel eens nadelen.

Bij de sectie godsdienst kan de reactie teleurstellend zijn. De sectie kan reageren met de opmerking dat zij het vak godsdienst geven en daarmee niet automatisch en alleen de trekker zijn van de identiteit van de school. Dat ligt nogal eens gevoelig op een school. De sectie godsdienst geeft een lastig vak, een vak met meestal maar één uur op de lessentabel en dat betekent dat een leraar godsdienst 25 verschillende klassen per week ziet. Daarmee heb je je handjes wel vol, zeker ook omdat veel leerlingen een negatief beeld van geloof in het algemeen hebben. Dat laatste verschilt natuurlijk sterk per school, staat de school in Amsterdam of in Bunschoten?

Tenslotte de commissie identiteit. Daar ben je al gauw aan het goede adres, maar het risico zit hier ook weer in het draagvlak. Helaas behoren de leden van de commissie identiteit op veel veel christelijke scholen tot de minderheid die actief met de identiteit bezig is.

Sluit aan bij de planning 

Hoe zit het met de planning op een school? Wees je bewust van de planning op een school en sluit als dat kan aan bij het curriculum van de school. Doe wat ze toch al moesten doen en neem ze werk uit handen. En ook: wees er op tijd bij, een school plant een jaar vooruit.

Om wanhopig van te worden? Natuurlijk niet. In feite zitten de scholen te springen om goede initiatieven!


Door: Ir. Klaas de Waard, lid College van Bestuur Johannes Fontanus College in Barneveld

Op de hoogte blijven van nieuws en verhalen over de samenwerking tussen school en kerk? Meld je dan aan voor de nieuwsbrief School en Kerk.

Aanmelden nieuwsbrief School en Kerk

 

 

 »lees verder»

 

Samenwerken met scholen doe je zo
Veel kerken verlangen naar een goede samenwerking met scholen, maar hoe doe je dat? Iedere school loopt tegen dilemma’s aan. Voor de kerk ligt hier een mooie taak.

We verdelen de scholen onder in drie typen (traditiescholen, diversiteitsscholen en zingevingsscholen) en laten zien hoe de kerk kan helpen.

Stuur een kaartje

Traditiescholen hebben te maken met een diversiteit aan opvattingen en uitingen. Leerkrachten, ouders en leerlingen kun je onderverdelen in een orthodoxe hoek en een liberaal/vrijzinnige hoek. Ook het omgaan met een groeiende groep niet-christelijke ouders en leerlingen is lastig.

Taak voor de kerk:

  • Ondersteun en inspireer het team en de schoolleider: bied een inspiratieavond aan, of stuur een bemoedigend kaartje.
  • Laat de predikant een belangrijke rol spelen tijdens de vieringen op school.
  • Via de leerlingen zijn er verschillende kerken betrokken bij de school. Zorg voor een goede afstemming met die verschillende kerken. Samen bereik je meer!

Bemoedigen en bidden

Het vormgeven van de basistaken, bijvoorbeeld leren lezen, is een uitdaging voor diversiteitsscholen. Veel hebben te maken met achterstandsleerlingen. De culturele en levensbeschouwelijke diversiteit brengt vraagstukken met zich mee. De verhouding tussen het christendom en de islam speelt hier een grote rol.

Taak voor de kerk:

  • Bied concrete hulp aan bij sociale, maatschappelijke activiteiten. Houd in het contact met de school rekening andere partijen. Een goed contact met bijvoorbeeld de Imam is belangrijk, ook vanwege de voorbeeldfunctie die daar vanuit gaat.
  • Bemoedig christelijke schoolleiders, leerkrachten en gezinnen die zich als christen soms alleen voelen. Bid voor hen.

Kinderclubs en kerstvieringen

Ook zingevingsscholen hebben te maken met een groeiende groep niet-christelijke leerkrachten, ouders en leerlingen. Een specifieke uitdaging hierin is dat niet-christelijke ouders de geloofsopvoeding geheel bij de school neerleggen. Christelijke leerkrachten ervaren dat vaak als druk.

Taak voor de kerk:

  • Houd een laagdrempelige avond over het christelijk geloof, zowel voor ouders als voor leerkrachten.
  • Ondersteun in het vormgeven van bijvoorbeeld kerstvieringen.
  • Bied (via de school) een kinderclub aan.

Bron: Bertram-Troost, G. D., Kom, C. , Avest, I. ter & Miedema , S. (2012). Typen van protestants-christelijk basisonderwijs in een seculiere tijd. Schoolleiders aan het woord over de eigenheid van hun school. Woerden, Nederland: Besturenraad.


Op de hoogte blijven van nieuws en verhalen over de samenwerking tussen school en kerk? Meld je dan aan voor de nieuwsbrief School en Kerk.

Aanmelden nieuwsbrief School en Kerk

 »lees verder»

 

Kerk na de bel: een rol in het naschoolse aanbod
Schooltijden veranderen: door een continurooster zijn leerlingen al vroeg uit. Er is behoefte aan opvang. Steeds meer scholen bieden daarom activiteiten na schooltijd aan. Scholen worden zo meer een leefgemeenschap met ruimte voor talentontwikkeling. Muziekscholen, natuurorganisaties en bijvoorbeeld kunstenaars verzorgen workshops. De kerk mist hier nog een belangrijke rol.

Wat kan de kerk doen?

Zoek via de betrokken ouders of leerkrachten contact met de school of de BSO organisatie. Bouw vervolgens aan een persoonlijk contact met het team en de directie. Lukt dit niet? Zoek het dan op bestuursniveau.

Wees zichtbaar

Organiseer koffieochtenden, ondersteun het team, wees betrokken bij vieringen en bied ondersteuning bij rouw. Dat zorgt voor een vertrouwensband. Kom vervolgens met een duidelijk aanbod van naschoolse activiteiten:

  • Werk samen als kerken en kom met een gezamenlijk aanbod
  • Houd activiteiten als catechese ‘s middags zodat dat niet meer in de avond hoeft
  • Bang dat het imago van de kerk afschrikt? Zet activiteiten op met andere verenigingen, zoals een buurtvereniging.
  • Vraag scholen bij te dragen in de financiën. Scholen willen graag een goed naschools aanbod, dus werken graag mee.

Wees origineel

Denk niet alleen aan bestaande activiteiten van de kerk. Er zijn ook andere voorbeelden bekend:

  • repair café (ontwikkeling technische vaardigheden)
  • schooltuintjes (natuur in de praktijk)
  • spelletjes met senioren (mooi voorbeeld tussen school en kerk)

Op de hoogte blijven van nieuws en verhalen over de samenwerking tussen school en kerk? Meld je dan aan voor de nieuwsbrief School en Kerk.

Aanmelden nieuwsbrief School en Kerk

 »lees verder»

 

Oude Lutherse Kerk Amsterdam staat stil bij slavernijverleden
Op 1 juli is het 155 jaar geleden dat Nederland in Suriname en de Nederlandse Antillen de slavernij afschafte. In dat kader organiseert de Oude Lutherse Kerk in Amsterdam de komende weken een theaterstuk en een viering. Doel is om als gekleurde en witte christenen een constructieve dialoog te voeren. En dat is van groot belang, zegt Bianca Gallant, secretaris van de Lutherse Diaconie in Amsterdam.

“Ik ben een nazaat van slaafgemaakten,” vertelt Bianca Gallant (53). “Mijn betovergrootmoeder is tot slaaf gemaakt in Ghana en naar Suriname verscheept. Ik ben in Suriname geboren, maar woon al langere tijd in Nederland. In mijn familie werd er nooit over het slavernijverleden gepraat, het was geen item. In die zin had ik er zélf geen last van. Ik voelde me ook nooit gediscrimineerd in Nederland. Ik dacht altijd: waarom doen wij, donkere mensen, daar zo moeilijk over? Totdat ik me er onlangs in ging verdiepen.”

Op welke manier heb je je in het verleden verdiept?
“Op uitnodiging van de Protestantse Kerk nam ik deel aan een conferentie over de erfenis van slavernij, georganiseerd door de Council of World Mission (CWM). Deze internationale christelijke organisatie organiseerde hoorzittingen in vier landen die te maken hadden met de Transatlantische Slavernij. Engeland werd bezocht als voormalig kolonisator, in Ghana werden mensen slaafgemaakt om onder andere in de Engelse kolonie Jamaica aan het werk gezet te worden en Amerika waar in sommige steden racisme van oudsher een grote rol speelt, werd ook een hoorzitting gehouden. Mensen uit al die landen gingen met elkaar in gesprek over dit gedeelde verleden. Dat was bijzonder. In alle landen werd er met elkaar vooral gerouwd door middel van het zingen van passende liederen en het uitspreken van gebeden. In Engeland werd vooral de nadruk gelegd op de rijkdommen die nu nog zichtbaar zijn onder andere gebouwen en de zichtbare discriminatie aldaar. Ook werd er schuld beleden. In Ghana bleek het een moeizaam gesprek omdat de Ghanezen zelf onderling verdeeld zijn. Dat komt omdat Ghanezen hun eigen landgenoten verkochten aan Europese slavenhandelaars. Dat verdriet en die pijn leven nog steeds. Het bezoeken van Fort Elmina de plek vanwaar de tot slaafgemaakten werden verhandeld en afgevoerd zorgde voor veel oude pijn. Wat in Jamaica vooral opviel was de grote armoede die door de Jamaicanen wordt geweten aan het weghalen van grote rijkdommen uit hun land zowel materieel als mentaal, waardoor jongeren bijvoorbeeld hun huid bleken omdat zij liever een Europees uiterlijk willen hebben.”

Zou zoiets ook in Nederland moeten gebeuren?
“Het mooiste zou zijn als er ook in Nederland, Ghana, Suriname en de Antillen zulke hoorzittingen zouden worden georganiseerd. Zo’n tour - die ook virtueel gedaan zou kunnen worden - zou ons kunnen helpen om bewust te worden van wat er gebeurde en zou heilzaam zijn voor de verwerking. Als evaluatie van de CWM-tour heb ik geopperd om ook zo’n tour te organiseren door de Protestantse Kerk. De landelijke kerk heeft mijn suggestie vooralsnog niet overgenomen. Daarom hebben we in mijn eigen stad Amsterdam een begin gemaakt met de uitwerking van dit thema, te beginnen met een symposium (zondag 24 juni), een theaterstuk en een viering (zie onderaan artikel). Het Nationaal Instituut Nederlands Slavernijverleden En Erfenis (NiNsee) en de Raad van Kerken Amsterdam werkt hierin met ons samen. Samen willen we onder andere de dialoog tussen gekleurde en witte christenen opzetten. Belangrijk is ook educatie over dit thema. Vooral witte Nederlanders zijn niet bekend met het ‘echte’ verhaal. Door onbekendheid hiervan wordt de geschiedenis vaak gebagatelliseerd. Het slavernijverleden werkt nog steeds door: zwarte mensen voelen zich in Nederland vaak miskend. Sommigen krijgen te maken met racisme, bijvoorbeeld op de arbeidsmarkt. In 2013 betuigde de Raad van Kerken in Nederland spijt over de rol die de kerken tijdens de slavernij hebben gespeeld. Daarna hebben enkele kerken in ieder geval een jaarlijkse viering rond of op 1 juli. Verder is dit gebaar niet veel verder uitgewerkt.”

Welke rol speelde Nederlandse kerken tijdens de jaren van slavenhandel?
“De protestantse kerken zijn zeker niet de eerste voorvechters geweest van de afschaffing van de trans-Atlantische slavernij. De Lutherse Gemeente in Paramaribo hield ook slaafgemaakten, die moesten werken op plantages, in de kerk, de diaconie en de pastorie. Ze waren een deel van de bezoldiging van de predikant. Ook hervormde en gereformeerde kerken en de Hernhutters deden hier aan mee. In Ghana staat Fort Elmina, het centrum van de slavenhandel. Onderin de kerkers lagen de slaafgemaakten en daarboven was een kerkzaal. Tijdens de kerkdienst kon hun gekerm worden gehoord en de stank van uitwerpselen en dode lichamen worden geroken ook . Het verhaal gaat dat er op een gegeven moment de klacht kwam van kerkgangers of de luchtgaten niet dicht konden, zodat ze er geen last meer van zouden hebben.”

Herdenkingszondag

Voor veel reguliere 'witte' lokale kerken in Nederland voelt het slavernijverleden ver weg. Wat kunnen zij ermee?
“Dat begrijp ik. Maar toch zou het goed zijn als er een herdenkingszondag zou zijn. Dat kan bijvoorbeeld rond 1 juli tijdens Keti Koti, dat betekent: verbreek de ketenen. Dan wordt de afschaffing van de slavernij herdacht. Dit jaar is dat op een zondag. Kerken zouden een gastspreker kunnen uitnodigen, voor mensen die zich nog slachtoffer voelen bidden, samen herdenken en ook vieren dat we elkaar vinden. Het verleden kunnen we niet goedmaken, maar wit en gekleurd kunnen het in het hier en nu wel compenseren. Het gaat om een gezamenlijk herdenken, het is immers een gedeelde geschiedenis.
De schuldvraag vind ik nu minder belangrijk, die moeten we wat mij betreft achter ons proberen te laten. Want voor nazaten van de handelaars is het ook vijf generaties geleden dat hun voorouders zoiets deden. En bovendien, sommige Nederlandse voorouders hadden er sowieso niets mee van doen. Waar het om gaat is: om met elkaar te kijken wat de doorwerking is van de slavernij en wat er daarbij nodig is om op een gezonde manier om te gaan met dit erfgoed. De Lutherse Kerk In Amsterdam is hier een goed voorbeeld van. In de kerkenraad zitten nazaten van beide groepen. Met elkaar wordt er bestuurd, herdacht en gevierd.”

Sommige mensen zeggen: kun je het verleden niet beter laten rusten en je als kerken richten op het bestrijden van moderne slavernij die vandaag plaatsvindt, zoals gedwongen (kinder)prostitutie of uitbuiting in de kledingindustrie?
“Ik ben als vrijwilliger betrokken bij International Justice Mission, een internationale christelijke organisatie die zich richt op het bestrijden van moderne slavernij. Toch wil ik een onderscheid maken. Ja, we moeten nu iets doen aan hedendaagse slavernij. Maar de slavernij van vroeger is óók belangrijk! Het is bijvoorbeeld van groot belang om de beeldvorming bij te stellen. De slaafgemaakten waren geen onmensen of alleen maar slachtoffers. Ze waren ook krachtige, intellectuele en spirituele mensen. Laten we verhalen over hen vertellen. Urwin Vyent, directeur van NiNsee zei: 'We kunnen beter trots zijn op onze voorouders dan boos zijn op onze onderdrukkers’ Onder andere zó krijg je verbinding. Een constructieve dialoog en begrip voor elkaar kunnen leiden tot een heilzame verwerking van het verleden.”

Auteur: Sjoerd Wielenga

Zie ook: Dr. Eleonora Hof, beleidsmedewerker van de Gereformeerde Zendingsbond, schreef een artikel over Keti Koti

Activiteiten in Amsterdam

Theaterstuk
Op donderdag 28 juni om 20.00 uur wordt in de Oude Lutherse Kerk het theaterstuk “1862” uitgevoerd door spelers van stichting Between The Lines. Dit toneelstuk gaat over de levens van slaven en slavenhouders op Plantage Strubbelingen in de periode voorafgaand aan het staatstoezicht. In deze periode braken er op verschillende plantages opstanden uit. Het toneelstuk beoogt de kennis over het slavernijverleden te vergroten. Kaarten kosten € 10,--. Online kaartverkoop vooraf via Eventbrite. Ook zullen er die avond vanaf 19.00 uur kaarten aan de zaal te koop zijn. >Meer informatie.

Viering
Op zondag 1 juli om 10.30 uur vindt er in de Oude Lutherse Kerk een viering plaats waarin niet alleen aandacht zal zijn voor historische slavernij, maar ook voor moderne vormen van slavernij. Na afloop van de viering zal er heerlijk Surinaams eten worden verkocht voor een goed doel. >Meer informatie

 »lees verder»

 

Pausbezoek Wereldraad van Kerken ontroert ds. Karin van den Broeke
Paus Franciscus bezocht deze week de vergadering van het centraal comité (bestuur) van de Wereldraad van Kerken. Ds. Karin van den Broeke is namens de Protestantse Kerk bestuurslid van de Wereldraad van Kerken. Het bezoek van de paus raakt haar veel meer dan ze van tevoren had gedacht. 'Wij zijn pelgrims op dezelfde weg'.

Al vanaf het allereerste treffen van het uitvoerend comité is een zekere spanning voelbaar: de paus komt, en dat brengt veel in beweging. Honderden journalisten hebben zich gemeld, een forse beveiligingsoperatie samen met de Zwitserse overheid is gaande. En in de wandelgangen klinken ook wel wat vragen: ‘We hebben toch de paus niet nodig om te bewijzen dat de Wereldraad zinnig is?’

Dat laatste klopt natuurlijk. De Wereldraad van Kerken is een prachtige gemeenschap van kerken waarin al zeventig jaar lang het onderling verstaan en de onderlinge verbondenheid van kerken groeit. De Wereldraad van Kerken heeft op tal van plaatsen concreet bijgedragen aan het verbeteren van het welzijn van mensen en aan de ontwikkeling van vredesprocessen. De Wereldraad van Kerken brengt mensen met verschillende geloofs- en culturele achtergronden met elkaar in gesprek en bevordert het onderling verstaan. En toch is het niet altijd eenvoudig om aan zo’n veelkleurige gemeenschap gezicht te geven. Het bezoek van de paus helpt in elk geval om de Wereldraad in het nieuws te krijgen.

Het werd een mooi bezoek, waarin de paus heel nadrukkelijk liet blijken veel meer oecumenische toenadering te zoeken. Persoonlijk was ik verbaasd dat zijn komst in de kapel van het oecumenisch centrum van de Wereldraad met toch veel meer raakte dan ik tevoren, als nuchtere protestant, gedacht had. Mogelijk werd de ontroering ook wat aangewakkerd door de sfeer van lang wachten met ‘maar’ 300 mensen die dit bijzondere moment gaan meemaken. Leden van het Central Committee, bijzondere gasten zoals de voormalige secretarissen-generaal, enkele fotografen en journalisten waren er. Hier en daar volgden mensen via een livestream dat de paus geland was op het vliegveld. Zo nu en dan hoorden we een beveiligingshelikopter overvliegen. En dan opeens: groot gejuich buiten als teken dat de paus het oecumenisch centrum bereikt heeft. Als de paus binnenkomt treft de combinatie me van een toch ietwat kwetsbare gestalte met een bijzonder aandachtige blik. Het doet me goed dat we de liturgie met een Argentijns lied openen: in de Wereldraad is altijd een rijkdom aan liederen aanwezig in verschillende talen en vanuit verschillende culturen. Dit is een mooie kans om aan te sluiten bij de gast die ontvangen wordt.

Als de paus eenmaal spreekt, blijkt hoezeer ook hij zijn best doet om aansluiting te zoeken. De Wereldraad roept op tot een wereldwijde pelgrimage van gerechtigheid en vrede. En de paus maakt dat beeld van onderweg zijn tot leidraad van zijn verhaal. ‘Walking in the Spirit’, noemt hij het, met een verwijzing naar Galaten 5. ‘Walking in the Spirit’ betekent, volgens de paus in deze toespraak, dat je het wereldse van je af moet gooien. Alle gescheidenheid tussen kerken is het gevolg van het feit dat we een al te wereldse mindset toegelaten hebben, van vooral om onszelf denken. De oecumenische beweging heeft de gave van de Geest. ‘Lieve broeders en zusters, ik heb ernaar verlangd om hier te zijn, een pelgrim die zoekt naar eenheid en vrede. Ik dank God dat ik u hier gevonden heb, broeders en zusters die diezelfde reis al aan het maken zijn. Voor ons als christenen is samen op weg zijn niet een manier om onze posities te versterken, maar het is gehoorzaamheid aan God en liefde voor de wereld. Laten we de Vader vragen om ons te helpen samen nog meer vastbesloten de wegen van de Geest te volgen. Moge het kruis onze voetstappen leiden, want daar, in Jezus, zijn de scheidingsmuren al neergehaald en is vijandigheid overwonnen. In Jezus zullen we zien, met al onze tekortkomingen, dat niets ons zal scheiden van zijn liefde.’ Een krachtig statement: wij zijn pelgrims op dezelfde weg.

Nog twee ontmoetingen zullen volgen. ’s Middags is er een bijeenkomst waarin de paus zal spreken, maar waarin ook de secretaris-generaal en de voorzitster van het centraal comité van de Wereldraad zullen spreken. Tijdens die bijeenkomst word ik het meest getroffen door de voorzitter, dr. Agnes Abuom, die concreet benoemt hoeveel ongerechtigheid op aarde er is. De gescheidenheid van Noord- en Zuid-Korea, Colombia, Soedan. Geweld tegen vrouwen, waarvoor op iedere donderdag aandacht gevraagd wordt met de Black Thursday. Genoeg is genoeg. We moeten samen optrekken op de weg van gerechtigheid en vrede!’ Aandachtig zie ik de paus kijken. Hij knikt. En zodra ze klaar is staat hij op en geeft haar een hand.

Aan het einde van de dag wonen we met een klein aantal mensen vanuit de Wereldraad ook nog de mis bij die de paus voor 40.000 Zwitsers opdraagt. De dagtekst komt uit Mattheüs 6, waarin het Onze Vader klinkt. ‘Onze’ Vader, benadrukt de paus. Niemand op aarde kan de Vader voor zichzelf reserveren. God sluit geen mens uit.
De uitdaging om dit alles te vertalen naar concrete vormen van kerk-zijn waarin de verbondenheid ook echt gestalte krijgt, ligt er ook na dit pausbezoek nog. De toon is echter gezet. Op de weg van gerechtigheid en vrede gaan we samen.

Ds. Karin van den Broeke, lid van het uitvoerend comité van de Wereldraad van Kerken namens de Protestantse Kerk

Op donderdag 23 augustus 2018 is het 70 jaar geleden dat de Wereldraad van Kerken werd opgericht in de Nieuwe Kerk in Amsterdam. Dit wordt in Amsterdam gevierd. Klik hier voor meer informatie over het symposium, de pelgrimage en de viering.

 

 »lees verder»

 

Beroepen: Een bijzonder en verantwoordelijk proces
Nu ze een predikant hebben gevonden blijkt maar weer hoe prettig dat kan zijn voor een gemeente. ‘Fijn om steeds terug te kunnen vallen op een vaste contactpersoon.’

Een nieuwe predikant zoeken en vinden als gemeente is een intensief traject. Zo ook in ’s Hertogenbosch. Vóór de beroepingscommissie voor het eerst bij elkaar kwam, was er door de kerkenraad al veel tijd gestoken in het nadenken over de koers, het schrijven van een nieuw beleidsplan en het opstellen van een profielschets voor de nieuwe predikant. En toen moest de procedure nog beginnen.

Contactpersoon

Robbim Heins, voorzitter van de beroepingscommissie, vertelt hoe de commissie door de dienstenorganisatie ondersteund werd tijdens het proces. ‘We hebben bij het opstellen van ons werkplan dankbaar gebruik gemaakt van de Gids voor het Beroepingswerk. Toch ontstonden er tijdens het traject steeds nieuwe vragen, bijvoorbeeld over de manier waarop predikanten normaal gesproken benaderd worden of over de gang van zaken wat betreft het vragen van referenties. Het was erg fijn om over die onderwerpen te kunnen overleggen met ds. Gerrit van Meijeren, onze vaste contactpersoon bij de dienstenorganisatie.’

Sparren

Ds. Gerrit van Meijeren was, net als de consulent ds. Jan de Vlieger uit Vught, al vanaf het begin betrokken bij het beroepingstraject. Robbim: ‘Voordat de beroepingscommissie van start ging, hebben we samen besproken hoe je bereikt dat mensen naar elkaar luisteren en voor elkaars mening openstaan. Naar aanleiding daarvan is besloten om veel tijd en energie te steken in bezinning en het vormen van een team. Zo werd iedere bijeenkomst geopend met een verhaal of gedicht en zorgden we bij iedere bijeenkomst voor lekkere versnaperingen. Op de cruciale momenten in het proces startten we de bijeenkomst onder leiding van de consulent met een avondviering in de bezinningsruimte in onze kerk. Dit waren bijzondere momenten, even loskomen van de waan van de dag. En op de feestelijke momenten hieven we samen het glas.’

Hij is erg tevreden over de ondersteuning door de dienstenorganisatie. ‘Het beroepingswerk is soms een wat eenzaam proces, vanwege de geheimhoudingsverplichting. Daarom is het belangrijk om te kunnen sparren over de zaken waar je tegenaan loopt. Beroepingswerk is leuk werk, maar ook verantwoordelijk werk.’

Inmiddels heeft de beroepingscommissie haar taak tot een goed einde gebracht: de kerkenraad is unaniem met de voorgedragen predikant akkoord gegaan. ‘We kijken met veel vreugde terug op de afgelopen periode!’

Kijk hier voor meer informatie over beroepen.

De foto bij dit artikel is gemaakt door: Gerard Monté

 »lees verder»

 

5 redenen waarom jaargesprekken onmisbaar zijn
Predikanten en kerkelijk werkers zetten hun vakbekwaamheid en visie in en hopen dat dat op een zo goed mogelijk manier tot zijn recht komt. De jaargesprekken kunnen daaraan bijdragen, omdat daarin afstemming plaatsvindt tussen de predikant/kerkelijk werker en de kerkenraad.

Waarom jaargesprekken onmisbaar zijn

  1. Om op koers te blijven met het werk waar je je als professional en kerkenraad samen sterk voor maakt; doen we de goede dingen?
  2. Om inspirerend, doeltreffend en doelmatig te doen wat we doen; doen we het op een goede manier?
  3. Om aandacht en waardering te geven aan mensen die zich inzetten voor de plaatselijke gemeente.
  4. Om snel teleurstelling, afnemende betrokkenheid en minder wordende motivatie te signaleren zodat er tijdig bijgestuurd kan worden.
  5. Om het gevoel te hebben samen de schouders onder dezelfde klus te zetten met de neuzen dezelfde kant op.

Doen we de goede dingen?

Waar mensen samenwerken, hebben ze een gezamenlijk doel. Samen staan ze ergens voor. Bovendien is de kerk meer dan alleen maar een menselijke vereniging. Bij alle verscheidenheid tussen gemeenten en bij alle verschil in geloofsbeleving gaat het uiteindelijk om openheid naar wat God ons in zijn goedheid wil geven. We komen samen onder de open hemel van Gods liefde. Die liefde is de hartslag van het leven. Dit geloof motiveert mensen om hun tijd, talenten en energie aan de opbouw van de gemeente te besteden. Bijvoorbeeld aan een inspirerende kerkdienst of een diaconaal project. Zij verwachten daarbij een goede samenwerking. Wanneer dat niet het geval is, is de teleurstelling des te groter. Slaagt de samenwerking, dan motiveert dat alle betrokkenen.

Alle reden dus om op gezette tijden met elkaar af te stemmen en te evalueren – letterlijk op waarde te schatten, te taxeren, of we goed bezig zijn. “Goed” zowel in de betekenis van “zijn we met de goede dingen bezig?” als “doen we het op een goede manier?” Jaargesprekken met een predikant of kerkelijk werker dragen bij aan die reflectie.

Wat normaal is, is niet vanzelfsprekend

Een hooggestemde motivatie voor het werk kan helaas ook een valkuil worden. En wel op twee manieren. De ene valkuil is om maar geen kritische opmerkingen te maken omdat we “toch aardig willen zijn voor elkaar” of omdat het geen pas zou geven om kritisch naar elkaar te zijn. De andere valkuil is dat er geen waardering wordt geuit voor de inzet van mensen. “Het is toch normaal dat mensen hun werk goed en met toewijding doen?” Maar ook al is iets normaal, daarom is het nog niet vanzelfsprekend. Het mag opgemerkt en benoemd worden. In de kerk vergeten we nog wel eens systematisch en kritisch-opbouwend met elkaar te spreken over wat geweest is en hoe de plannen uiteindelijk zijn gerealiseerd. Of wat er anders gegaan is dan het oorspronkelijke idee was en wat je daar met elkaar van kunt leren. Het is belangrijk dat zo’n gesprek goed verloopt.

De synode heeft bepaald dat er in ieder geval één keer per jaar een gesprek is waarbij teruggeblikt kan worden op de afgelopen periode. Het voordeel hiervan is dat noodzakelijke verbeteringen tijdig kunnen worden gesignaleerd. Daardoor kan men voorkomen dat teleurstelling, frustratie en onvrede zich onnodig ophopen en een eigen leven gaan leiden. En positief gesteld: een goede afstemming schept ruimte voor de verdere ontwikkeling van ieders bekwaamheid in het werk en vergroot de voldoening in de samenwerking.

Bron: Brochure 'Jaargesprekken tussen de kerkenraad enpredikanten en kerkelijk werkers in de plaatselijke gemeente'

Zie ook:

 »lees verder»

 

Mozaïek van kerkplekken: nieuwe en bestaande vormen van kerk-zijn
Kerk-zijn met nieuwe en bestaande vormen naast elkaar. Wat kan wel en wat niet binnen onze kerk? De Protestantse Kerk wil het gesprek over deze vragen aangaan, en u kunt meepraten.

De afgelopen tien jaren heeft in de Protestantse Kerk een cultuurverandering vorm gekregen. Gedragen door drie achtereenvolgende visienota’s is ruimte gemaakt voor nieuwe vormen van kerk-zijn. Inmiddels zijn er circa honderd pioniersplekken en evenzoveel kliederkerken. Ook zijn er monastieke initiatieven en leefgemeenschappen. Zo ontstaat een mozaïek van kerkplekken met een eigen vorm en kleur, samen vormen ze een geheel. Daarbij zou samen kerk-zijn meer moeten zijn dan onverschillig langs elkaar heen leven.

Papierwinkel

In Nieuw-Vennep ontstond veertien jaar geleden al een nieuwe geloofsgemeenschap in een Vinexwijk, naast en vanuit de dorpskerk. Toen deze geloofsgemeenschap volwassen werd, rees de vraag hoe daar kerkordelijk gestalte aan gegeven kon worden. Gekozen werd voor een gemeente met twee wijken, om op die manier ook de samenhang met de dorpskerk vast te houden. In de praktijk bleek het echter zeer complex om dat te realiseren. En toen het eenmaal zover was, ontstond er frustratie over de gemaakte keuze; het model leidde namelijk tot een vooral bureaucratische relatie. Binnen die relatie liep het niet lekker vanwege verschillende culturen in de manier van werken. Daar kwam bij dat de gewenste gezamenlijke werkwijze ook nog vastliep in de bovenplaatselijke kerkstructuur en -cultuur. Er werd wel aansluiting gezocht maar niet echt gevonden. Het gevolg was dat de relatie tussen de twee wijkgemeenten steeds meer werd bepaald door gedoe rond de hele papierwinkel, terwijl er juist een sterk verlangen was om inhoudelijk met elkaar op te trekken. Naar een goed antwoord op de vraag ‘hoe nu verder?’ wordt gezocht.
De situatie in Nieuw-Vennep is de voorbode van wat meer kerken mee gaan maken in de huidige kerkordelijke setting.

Waardevol

Martijn Vellekoop is coördinator Missionair binnen de dienstenorganisatie. Hij herkent een situatie zoals in Nieuw-Vennep. Hij leidt het gesprek in de kerk over het ontstaan van nieuwe kerkplekken en hoe vorm te geven aan de relatie met bestaande kerkplekken. ‘We zijn natuurlijk dankbaar voor de ontwikkeling van al deze nieuwe vormen van kerk-zijn. Tegelijk levert het spanningen en vragen op. Moet elke pioniersplek een ‘normale’ gemeente worden? Is er sprake van onderlinge concurrentie? Mag alleen een predikant sacramenten als doop en avondmaal bedienen? Moeten nieuwe vormen onder de verantwoordelijkheid van bestaande gemeenten blijven vallen? En hoe wordt de stem van deze nieuwe kerkplekken gehoord in de classes en de synode?’
Het is nodig om met deze vragen aan de slag te gaan. ‘In de nota Kerk 2025 staat dat de nieuwe vormen van kerk-zijn niet onnodig belast moeten worden met bestaande kerkelijke gewoonten, structuren en organisatie. Ze moeten de kans krijgen te groeien op een manier die recht doet aan de mensen die er onderdeel van uitmaken. Het gesprek hierover is spannend, want het vraagt van ons om zaken die we waardevol vinden ter discussie te stellen. Tegelijk is dat nodig om een verdere ontwikkeling mogelijk te maken.’

Knelpunten en dilemma’s

Het moderamen van de generale synode heeft in december 2017 opdracht gegeven om te verkennen wat het betekent om kerk te zijn met bestaande en nieuwe vormen van kerk naast elkaar. Vellekoop: ‘En die verkenning begint natuurlijk bij de praktijk, bij de mensen die hier al ervaring mee hebben.’ Op 25 plaatsen in het land is het gesprek begonnen met deze mensen-van-de-praktijk. De knelpunten en dilemma’s zijn daarbij gegroepeerd in drie thema’s: “gemeenschapsvorming”, “netwerken en lidmaatschap, ambten, sacramenten en de rol van predikanten” en “organisatie, besluitvorming en bestuur in de kerk”’. Een en ander resulteert in september in een rapport met een schets van de praktijk, reflectie en oplossingsrichtingen.
Vellekoop: ‘Vanaf september wordt naar aanleiding van dit rapport het gesprek gevoerd, onder andere tijdens gespreksbijeenkomsten op verschillende plekken in het land. We roepen kerkenraadsleden, leden van pionier- en kliederkerkteams, predikanten en bestuurders van kerkelijke organisaties op om mee te praten. De centrale vraag is welke winst en knelpunten er in de praktijk zijn rond zo’n ‘mozaïek van kerkplekken’ en wat nodig is voor een verdere ontwikkeling hiervan. In november vindt vervolgens een bespreking plaats tijdens de synode. Dit jaar besluiten we nog niet over mogelijke aanpassingen in ons kerk-zijn, eerst maar eens in gesprek.’

Symposium

Op woensdag 30 mei werd een symposium georganiseerd rond de eerste resultaten van de praktijkverkenning. Meer over de onderzoeksresultaten leest u hier: Ambten niet vanzelfsprekend bij nieuwe kerkplekken.

Meer weten over de meepraat-avonden? Kijk op protestantsekerk.nl/kerkplekken.

Dit artikel komt uit het juninummer van woord&weg. Een gratis proefexemplaar aanvragen? Mail naar wew@protestantsekerk.nl.

 »lees verder»

 

Jaargesprekken: uitstellen, overslaan of gewoon doen?
Sinds het jaargesprek tussen predikant en kerkenraad in 2012 is ingevoerd, voelt het voor sommige kerkenraden nog steeds onwennig. Uitstellen, overslaan, zoeken naar andere vormen of gewoon doen?

‘Waarom zo negatief framen’
Pieter J. Huiser, voorzitter van de Bond van Nederlandse Predikanten
‘Ik verbaas me over de insteek van dit dilemma. Het framen van een predikant als iemand die kennelijk bijgestuurd moet worden. Waarom zo negatief? Het valt ons als bestuur van de Bond van Nederlandse Predikanten op dat in veel officiële stukken vooral over de predikant gesproken wordt in de context van problemen in de gemeente.
Tijdens het jaargesprek kunnen ongewenste patronen in het werk van de kerkenraad als geheel aan de orde komen. De onwennigheid komt vooral voort uit het feit dat een jaargesprek, hoe zorgvuldig ook omschreven, zoveel lijkt op een beoordelingsgesprek, dat veel kerkenraadsleden het als zodanig ervaren. Men wordt in een rollenspel gedrongen waarbij kerkenraadsleden al snel in de rol van werkgever en de predikant in de rol van werknemer worden gezet.
Susanne Freytag en Sjaak Verwijs hebben er in ons blad Predikant en Samenleving voor gepleit om te werken aan een cultuur van feedback die verder gaat dan een ongemakkelijk gesprek per jaar. Zo zijn er kerkenraden die standaard het agendapunt ‘wat in de gemeente leeft’ op de agenda hebben staan. Daarbij delen de kerkenraadsleden met elkaar wat ze aan positieve en kritische opmerkingen hebben gehoord. Of houd eens per maand een vragenuurtje na de dienst.’

‘Maak er een feestje van’
Jacques Uitterlinde, diaken in de Waalse Gemeente Dordrecht-Breda
‘Het jaargesprek is niet populair bij kerkenraden. Dat komt doordat het lijkt op een functioneringsgesprek en dat voelt vervelend. Maar de kerkorde helpt geweldig om te zien wat dat jaargesprek echt inhoudt: een gesprek op basis van gelijkwaardigheid tussen de ambten, over de kwaliteit van de kerkenraad en het welbevinden van de deelnemers. Op die manier zijn wij het jaargesprek ook ingegaan; evalueren hoe het met ons gaat. Na de kerkdienst die zondag gingen de leden van de kerkenraad en de predikant in conclaaf. Natuurlijk was er eerst koffie en thee met iets lekkers erbij. Twee weken van tevoren waren er vragenformulieren uitgedeeld over hoe we vinden dat we met elkaar functioneren, hoe ieder zijn eigen rol daarin ziet. Dat hebben we in groepjes besproken en daar hadden we echt anderhalf uur voor nodig. Na een plenaire afronding waren we unaniem van mening dat we dit elk jaar moeten doen. Het is prettig dat we elkaar kunnen zeggen wat ons op het hart ligt. Een jaargesprek krijgt zo een heel andere gevoelswaarde. Tot slot hebben we met onze partners, de organist, de koster en vrijwilligers heerlijk gegeten in de kosterij. Doen dus, dat jaargesprek. Maar maak er een feestje van.’

‘Reflecteren op het eigen functioneren hoort erbij’
Gerrit van Meijeren, predikant voor het beroepingswerk in de Protestantse Kerk
‘Mijn eerste associatie is: het gaat om vertrouwen. Je spreekt met elkaar over de taken die aan de predikant en/of de kerkelijk werker zijn toevertrouwd. Dat vraagt om een open en veilige setting en de bereidheid om voor elkaar goede gespreksgenoten te zijn. Er zijn gemeenten waar het jaargesprek nog geen praktijk is. Hoe komt dat? Predikanten zijn soms bezorgd dat het een functioneringsgesprek wordt. Dat de controle de boventoon voert en zij als werknemer worden gezien. Bij kerkenraadsleden is er soms sprake van verlegenheid. Hoe moet je zo’n jaargesprek aanpakken? Ben ik wel een gelijkwaardige gesprekspartner voor de predikant?
Wat kan helpen is het jaargesprek zien als een onderdeel van een veel bredere terugblik op het werk in de gemeente. Een echt gesprek is bovendien wederkerig. Verder hoort reflectie op het eigen functioneren bij de professionaliteit van de predikant. De vrijheid van het ambt sluit niet uit dat er met de dominee wordt gesproken over hoe het gaat en op welke manier hij of zij het ambt invult. Een goede voorbereiding is essentieel. Er is een praktische gids Jaargesprekken beschikbaar en het Protestants Centrum voor Toerusting en Educatie (PCTE) biedt kerkenraadsleden een masterclass aan. Nog een idee: kies een externe gespreksleider om de ontmoeting de ruimte te geven.’

‘Als er iets is, bespreken wij dat direct’
Albert Meijering, kerkenraadsvoorzitter Protestantse Gemeente Zuiderkerk Nieuw-Amsterdam/Veenoord
‘Er is geen gezagsverhouding tussen predikant en kerkenraad, maar de kerkenraad blijft wel verantwoordelijk. Het dilemma is dus veeleer dat de predikant niet in loondienst is bij de kerkenraad. Als je een echte werkgever-werknemer-verhouding zou hebben, dan kun je drie waarschuwingen geven en daarna is het ontslag. In het verleden heb ik dat wel meegemaakt. Als een predikant dan niet wil meewerken, loop je vast en moet je een verzoek doen tot losmaking. Dat is een heel stroperige weg. Wat heeft een voortgangsgesprek voor zin als je geen middelen hebt om te handhaven?
In overleg met de predikant hebben wij ervoor gekozen geen jaargesprekken te houden. Als er iets is, wordt dit direct besproken binnen het dagelijks bestuur of in de kleine kerkenraad. Dit werkt prima en kan zo blijven als er wederzijds vertrouwen is. De predikant maakt wel jaarlijks een werkverslag dat besproken wordt op de algemene kerkenraad. Zo is de kerkenraad betrokken bij wat de predikant in het afgelopen jaar heeft gedaan, waar zij moeite mee heeft of waar ze tegenaan is gelopen. In het werkverslag staat ook hoe de predikant tegen de toekomst aankijkt.’

Tekst: Jurgen Tiekstra

Dit artikel komt uit het juninummer van woord&weg. Een gratis proefexemplaar aanvragen? Mail naar wew@protestantsekerk.nl.

Zie ook:

 »lees verder»

 

Beter een goede buur...
Scriba ds. René de Reuver gaat voor het eerst op bezoek bij het AZC naast het dienstencentrum. "De buren van het AZC bepalen me bij de uitdaging om elkaars naasten te zijn. Wij van hen en zij van ons."

Beter een goede buur dan een verre vriend. Vriendschap kent geen grenzen. Vriendschap overbrugt afstand en tijd. Zeker, alleen onderschat de waarde van een goede buur niet. Een verre vriend neemt het pakketje, dat voor mij is bestemd, niet aan. Ik kan hem niet vragen op mijn huisdier te passen als ik een paar dagen weg ben. Met mijn buren leef ik dagelijks.

In de afgelopen twee jaar heb ik als scriba diverse verre vrienden ontmoet. Vrij kort na mijn start was ik te gast bij verre Griekse vrienden. Op Lesbos en in Athene trekken zij zich het lot van asielzoekers aan. Vorige jaar bezocht ik verre protestantse vrienden in Libanon. Zij zetten zich met hart en ziel in voor Syrische kindvluchtelingen. Vrienden zijn belangrijk. Ze verrijken je leven. Je deelt elkaars vreugde en zorg. 

Kort geleden was ik te gast bij onze buren in het asielzoekerscentrum (AZC). Dagelijks passeer ik dit AZC. Nog nooit was ik er binnen geweest. Vele asielzoekers heb ik ontmoet, op Lesbos, in Libanon, in Groningen en Amsterdam. Zo niet mijn asielzoekende buren. Een bezoek aan naaste buren blijkt moeilijker te organiseren dan aan verre vrienden…

In Lesbos zag ik de struggle van asielzoekers aan de grens van Europa. In het AZC naast ons zag ik hoe het hen, een heel stuk verder in de procedure, vergaat. 

Stichting De Vrolijkheid had mij uitgenodigd om kennis te maken met het werk dat zij doen in 26 AZC’s. We werden rondgeleid door Ammar Issam, een van de ‘bewoners’ van het AZC. De vergelijking met ons kantoor drong zich op. Van buiten eenzelfde mooi gebouw. Van binnen lange gepleisterde muren met deuren naar kamertjes. Trots vertelde Ammar dat hij samen met medebewoners muren beschildert om zo een beetje kleur en leven in huis te brengen. En passant vertelde hij ook dat een man hier al achttien jaar woont. Even lang dus als wij in het dienstencentrum!

Na de rondleiding volgde een muziekavond. Elke week verzorgt De Vrolijkheid zo’n avond voor kinderen en jongeren. De zorg van de vrijwilligers voor de bezoekers raakte me. Evenals de professionaliteit waarmee Jonas Bisquert kinderen en tieners liet zingen en met hen muziek maakte. Randa Awad, een Palestijnse moeder uit Damascus, vertelde een verhaal over haar stad waar de dood rondwaart. Vanwege de Ramadan werd de avond afgesloten met een Iftarmaaltijd. Bewoners hadden voor eten gezorgd. Iedereen werd uitgenodigd mee te eten.

Deze avond besefte ik hoe belangrijk goede buren zijn. Met hen deel je de straat. Je bent, letterlijk, elkaars naasten. De buren van het AZC bepaalden me bij de uitdaging om elkaars naasten te zijn. Wij van hen en zij van ons.

Vaak zijn we als kerk druk met de grote vragen van vluchtelingen, migratie en asiel. Het bezoek riep bij mij de vraag op of we ook een goede buur zijn van de bewoners van het AZC? Onwillekeurig moest ik denken aan die scherpe gelijkenis van Jezus over naaste zijn. De priester en de leviet uit het verhaal waren misschien wel op weg naar de tempel om te overleggen over een grote actie voor vluchtelingen. Nam dit hen zo in beslag dat ze geen tijd en oog hadden voor die ene man naast hen op de weg...

Ervaren de bewoners van het AZC ons als kerk als goede buur? Zij wij elkaars naasten?

Een goede buur ziet scherper of ik naaste ben dan mijn verre vriend.

- Scriba ds. René de Reuver

Lees ook: 

 »lees verder»

 

Jubilee 70 years World Council of Churches
The World Council of Churches (WCC) was founded on August 23rd 1948 in the “New Church” (Nieuwe Kerk) in Amsterdam. Coming August this event will be 70 years ago.

A unique form of worldwide cooperation between Churches started with the founding of the WCC. From the beginning the Council has promoted intensified cooperation between the churches, and contributed substantially to peace and justice.

The WCC counts 348 member churches, representing approximately 500 million Christians in more than 110 countries. These members understand themselves to be united in Christ, in spite of theological and cultural borders and differences. Member Churches learn from each other, share with each other, and are challenged by each other.

In a spirit of gratitude and joy we want to celebrate this important jubilee with an international celebration in English in the Nieuwe Kerk in the Centre of Amsterdam on Thursday, 23rd of August 2018, 16.00 hrs. Rev. Dr. Olav Fykse Tveit (Secretary-General) and Dr. Agnes Abuom (Moderator of the Central Committee) of WCC will speak during this celebration.

If you want to attend this celebration in Amsterdam, you are welcome to use the following link to register: https://www.aanmelder.nl/70yearswcc

We also like to inform you about connected activities taking place on the same date August 23rd 2018 in Amsterdam:

 

 »lees verder»

 

Armoede op het spoor
Mensen die geld tekort hebben, lopen daar meestal niet mee te koop. En op het eerste oog is er niets van te merken. Hoe kom je als diaconie deze mensen op het spoor? Deel 1 van een serie over armoede.  »lees verder»

 

Campagne Kerk in Actie: Geloven in delen
In de week voor Pasen start Kerk in Actie, de hulporganisatie van de Protestantse Kerk, wederom met de 'Geloven in delen' campagne. Met deze campagne laat Kerk in Actie zien wat haar identiteit is: geïnspireerd door Jezus Christus, willen wij delen wat ons gegeven is. Om in Nederland en wereldwijd mensen hoop te bieden en tot hun recht te laten komen.  »lees verder»

 

Lijsttrekkers in kerken aan de tand gevoeld
De politiek, daar kun je als kerk beter niet je handen aan branden. Toch? Niet alle kerken denken er zo over. “Wij hebben een unieke invalshoek voor een debat: wat is je morele kompas als politicus?”  »lees verder»

 

Steeds meer kerken in actie voor vluchtelingen
Het overgrote deel (85%) van protestantse kerken is betrokken bij de opvang van vluchtelingen, dat blijkt uit het onderzoek van Kerk in Actie, de diaconale tak van de Protestantse Kerk in Nederland.  »lees verder»

 

Diakenen strijden om titel ‘Smaakmaker van het Jaar’
Diakenen in de spotlights? Dat gebeurt niet elke dag. Kerk in Actie brengt hier verandering in: zeven diaconale initiatieven zijn genomineerd voor de titel ‘Smaakmaker van het Jaar’.  »lees verder»

 

Opgroeien met oog voor de ander
Hoe leer je kinderen wat diaconaat is? JOP, de jeugdorganisatie van de Protestantse Kerk, geeft tips en voorbeelden uit de praktijk.  »lees verder»

 

Missionair-diaconaal werken: een gezamenlijke verkenning
Flyers over bijbelcursussen uitdelen in de wijk? Dat gebeurt niet bij De Haven, pioniersplek van ds. Marius van Duijn. 'We willen allereerst praktisch nabij zijn.' Hij blikt alvast vooruit op de kennisdag 'Missionair-diaconaal werken' op 29 september.  »lees verder»

 

Geld voor verbinding
Kerk en Wereld stelt € 150.000 beschikbaar voor projecten die mensen met elkaar verbinden.  »lees verder»

 

Talent inzetten voor vluchtelingen
Hoe maak je van 37 tientjes bijna 6000 euro? De protestantse gemeente Sint-Oedenrode / Son en Breugel doet het gewoon. Voor vluchtelingen in het Midden-Oosten.  »lees verder»

 

Wie helpt een Irakees gezin aan een bed, een bad en wat brood?
Omdat de Irakese Ayleen binnenkort 18 wordt, moeten zij en haar familie het asielzoekerscentrum verlaten. Wie geeft Ayleen een thuis cadeau?  »lees verder»

 

In actie voor straatkinderen
Jongeren van de Grote Kerk in Elst komen tijdens de Vierdaagse in actie voor kinderen in Oeganda.  »lees verder»

 

Vrijwilligers gezocht voor zorgvakanties
Op vakantie gaan is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Bijvoorbeeld voor wie oud of ziek is of voor gezinnen in de bijstand. Hetvakantiebureau.nl zorgt hiervoor en kan nieuwe vrijwilligers goed gebruiken.  »lees verder»

 

Samen zingen met het Popup Choir
De Hoftuin van de Protestantse Diaconie in Amsterdam is vrijdagavond het decor van een live concert van het Friday Night Popup Choir. ‘Zingen verbindt!’  »lees verder»

 

Nieuwe dromen voor kinderen in Colombia
Duizenden kinderen in de Colombiaanse stad Medellín groeien op zonder toekomstperspectief. Op 11 juni wordt voor hen gecollecteerd.  »lees verder»

 

Werken in Windhoek
Ds. René de Reuver is in Windhoek (Namibië). Hij bezoekt de assemblee van de Lutherse Wereldfederatie en heeft een ontmoeting met de door de GZB uitgezonden medewerkers Daan en Judith van der Kraan.  »lees verder»

 

Onderzoek: diaconale inzet groeit
De inzet van diaconieën groeit ondanks een krimpende kerk, blijkt uit onderzoek. Kerk in Actie biedt diakenen tips en voorbeelden voor 'diaconaat van de toekomst'.  »lees verder»

 

Bijzondere gift voor Kerk in Actie
De Wereldwinkel in Hendrik Ido Ambacht sluit haar deuren en schenkt deel van het restvermogen aan Kerk in Actie.  »lees verder»

 

Wel of geen tv?
Diakenen in gesprek over ‘dingen waarvan je denkt dat je ze niet mag denken’.  »lees verder»

 

Geld nodig?
Heeft uw gemeente een goed idee, maar geen geld om het uit te voeren? Vraag eenvoudig subsidie aan bij één van de volgende fondsen.  »lees verder»

 

Kerken strijden tegen armoede
Armoede onder kinderen daalt niet, meldt de Sociaal Economische Raad vandaag. Ook de kerken merken dat.  »lees verder»

 

CU op 1 in diaconale kieswijzer
De ChristenUnie scoort het hoogst in het Kerk in Actie Kiesadvies. Vluchtelingen profiteren het meest van de keuzes van de 5300 deelnemers.  »lees verder»